Tijdens de Nationale Conferentie Circulaire Economie hebben zes overheidslagen, waaronder het Rijk, provincies, gemeenten en waterschappen, officieel hun handtekening gezet onder de overeenkomst Krachtenbundeling Rijk-Regio Circulaire Economie 2025-2026. Doel van deze samenwerking is om de uitvoering van het Nationaal Programma Circulaire Economie (NPCE) te versnellen en te versterken.
Hoewel de samenwerking breder is dan enkel biogrondstoffen, komen deze nadrukkelijk terug in meerdere thema’s. Zo wordt in het thematraject Ketens expliciet verwezen naar het stimuleren van biobased bouwen, een belangrijk toepassingsgebied voor biogrondstoffen. Via de Nationale Aanpak Biobased Bouwen (NABB) werken partijen aan het opschalen van biobased materialen in de bouwsector – met oog op CO₂-reductie, minder afhankelijkheid van fossiele grondstoffen en het sluiten van materiaalkringlopen.
Zes inhoudelijke thema’s: biobased toepassingen verweven in ketens en inkoop
Binnen de overeenkomst zijn zes thema’s benoemd waarop overheden vrijwillig kunnen intekenen: ruimte, circulair inkopen, vergunningverlening & toezicht, mkb, kennisdeling en ketens. Vooral in de thema’s Sturen met eigen inkoopinstrumentarium en Ketens ligt een duidelijke link met biogrondstoffen.
Overheden willen via hun inkoopkracht meer vraag creëren naar circulaire én biobased producten. Dit vraagt niet alleen om samenwerking in aanbestedingen, maar ook om kennisdeling, monitoring en afstemming met marktpartijen. In de ketenaanpak worden bovendien sectoren zoals de maakindustrie en de bouwsector gestimuleerd om circulaire en biobased innovaties te omarmen.
De Unie van Waterschappen onderstreept de rol van biogrondstoffen door praktijkvoorbeelden te benoemen, zoals het terugwinnen van grondstoffen uit rioolwater en het hergebruik van maaisel of bagger voor biobased toepassingen. Dit illustreert hoe ook decentrale overheden waarde creëren uit lokale biomassa.
Geen losse initiatieven, maar landelijke afstemming
De overeenkomst voorziet in periodieke voortgangsoverleggen, gedeelde monitoring en onderlinge kennisuitwisseling. Hiermee willen de overheden voorkomen dat initiatieven versnipperd raken. Een werkstructuur voor 2025 en 2026 moet zorgen voor duidelijke afspraken over procesregie en capaciteit.
Hoewel biogrondstoffen niet het hoofddoel zijn van de overeenkomst, komt hun strategische waarde voor de circulaire economie op meerdere plekken terug. Door de koppeling aan inkoop, ketens en biobased bouwen worden biogrondstoffen gezien als een belangrijke schakel in de transitie naar een toekomstbestendige economie.
De samenwerking is een volgende stap in de uitvoering van het Nationaal Programma Circulaire Economie, met als doel: een volledig circulair Nederland in 2050. Biogrondstoffen zijn daarin geen doel op zich, maar wél een belangrijke bouwsteen.
Overeenkomst Krachten bundeling Rijk en Regio’s voor de Circulaire Economie:
NederlandCirculairin2050.nl